Geachte Heer M. – Herman Koch

Afbeeldingsresultaten voor geachte heer m.

Lerarensterfte (Ho 1-11)
De ik-verteller is benedenbuurman van de bekende schrijver M. Hij schrijft die als het ware een brief maar die wordt nooit verzonden. M. is beroemd geworden met het boek Afrekening over twee tieners die hun leraar geschiedenis laten verdwijnen. Dat is in werkelijkheid veertig jaar geleden gebeurd en M. heeft zich destijds verdiept in de materie er een eigen verhaal van gemaakt. Verder heeft hij niet veel bijzonders geschreven: vaak boeken over de oorlog (hij had een foute vader). Er is net een boek van hem uit: Bevrijdingsjaar over Joodse kinderen.

 

In dit deel van de roman vertelt de ik-verteller over de dood van enkele leraren op zijn school toen hij in de vijfde klas vwo zat. Er was toen ook een docent verdwenen: de geschiedenisleraar Jan Landzaat. De lezer begint de link al te begrijpen. In dit hoofdstuk krijgen leraren ook een lekkere veeg uit de pan: omdat ze niets beters konden, zijn ze maar leraar geworden. Ze zijn het symbool van middelmatigheid.

De verteller stalkt M. , hij leest zijn post en komt erachter dat zijn veel jongere vrouw met haar dochtertje naar het vakantiehuisje van M. is. Hij gaat naar de plaats H., maakt contact met de vrouw en biedt haar bij naderend onweer (let op de symbolische dreiging!) naar het huisje te brengen. Dat gebeurt ook, maar er geschiedt ook verder weer niets met haar.

Waarom schrijft U? (Ho 12-18)
De schrijver M. is de personale verteller van dit deel en hij gaat signeren en een lezing geven in een Amsterdamse bibliotheek. Hij geeft een sarcastisch beeld van het lezingenpubliek (vrijwel allemaal vrouwen) die steeds maar weer dezelfde vragen stellen. (“Waarom schrijft u?”) Dezelfde vraag die het 17-jarige meisje voor de schoolkrant had gevraagd en nooit meer bij hem vertrokken was. Het werd zijn huidige veel te jonge vrouw Ana.

 

Hij geeft als antwoord op een vraag over het literatuuronderwijs commentaar dat men scholieren vooral geen boeken moet laten lezen is ook negatief over het uitlenen van boeken (nee, je moet ze kopen). Van zijn uitgever moet hij nog een interview laten afnemen met de recensente Marie Claude Bruinzeel. Hij wil dat liever niet, omdat de vrouw haar geïnterviewden fileert. Toch stemt hij erin toe. Ze heeft het een paar dagen later met hem over zijn eenzijdige thema’s in zijn werk: de oorlog, zijn foute vader en zijn moeder (waarom schrijft hij nooit over haar?).

Leven voor de dood (Ho 19- 33)
Het perspectief wisselt naar het personage Laura . De chronologische volgorde van de diverse hoofdstukken van dit deel loopt nogal door elkaar. Ik zal als samensteller van het boekverslag echter de volgorde in de tijd weergeven, waardoor het wat eenvoudiger te volgen is. In de roman doet Koch het natuurlijk om meer spanning te wekken: hij grijpt vooruit in de tijd e.d.

Laura is dochter van een bekende tv-presentator die echter ‘zo gewoon’ is gebleven. Haar ouders besteden weinig aandacht aan haar. Ze mag met haar schoolvrienden/vriendinnen naar het vakantiehuisje in Zeeuws-Vlaanderen (Retranchement). Haar vriend David vraagt of Herman (die is blijven zitten) ook mee mag.

Herman gaat in die week wat vaker om met Stella (een lief meisje en hartsvriendin van Laura). Aan het einde van de week heeft hij Stella te pakken en ze nemen ook samen een lift naar huis.
De populair doende leraar Jan Landzaat ziet Laura wel zitten. Hij regelt voor haar dat ze wordt ingeloot voor de werkweek Parijs, waar hij haar versiert en enkele weken seks met haar heeft. Maar dan heeft ze er genoeg van en laat met opzet een oorbel achter in zijn badkamer. Het overspel komt daarna uit en Jan moet van zijn vrouw vertrekken.

 

In de herfstvakantie gaat Laura met haar groep vrienden weer naar het vakantiehuisje in Zeeland. David heeft een eigen vriendinnetje met wie hij opvallend zoenerig is. Dit tot ergernis van Laura die het heeft uitgemaakt met de leraar. Ze aast nu op Herman. Deze heeft met David met een kleine camera super-8 filmpjes gemaakt en hij vertoont die aan de groep. Er zijn vier onderwerpen;
– het faken van een epileptische aanval van David bij een bloemenstal
– het faken van een epileptische aanval in de klas bij de saaie lerares Posthuma
– de dood van de leraar Natuurkunde in de klas
– een maaltijd van Hermans ouders die geen woord zeggen omdat ze gaan scheiden

Herman noemt de serie Leven voor de dood. Miriam, het vriendinnetje van David vindt het te ver gaan. Herman biedt zijn excuses aan. Hij vertelt aan Stella dat hij kiest voor Laura.
Zij krijgen verkering en met de kerst verblijven ze in het vakantiehuisje in Zeeuws-Vlaanderen. Dan staat ineens Jan Landzaat voor de deur die Laura wil komen vertellen dat hij haar verder met rust zal laten.

Het boek moet het doen (Ho 34-40)
We beginnen met de ik-verteller die aan M. vraagt of hij een interview mag afnemen over de Afrekening. Dat geeft de lezer inzicht over de relatie fictie en werkelijkheid met betrekking tot het boek. Herman stelt steeds vragen aan M. over het schrijven . Waarom heeft M. de waarheid verdraaid en personages (bijv. Stella) weggelaten?

Aan het einde van het interview komt de jonge vrouw Ana binnen en zegt dat hun dochtertje ziek is. Ze heeft het echter verzonnen, omdat ze niet mee wil naar het Boekenbal. Dat geeft haar de gelegenheid om in een hoofdstuk te vertellen over het arrogante gedrag van diverse schrijvers, wat niet erg positief over komt.
Op het Boekenbal zoekt M. ruzie met de van uitgever veranderde schrijver N. Die verwijt hem zijn talloze oorlogsboeken, zijn foute vader en het citaat dat hij aan Nieuwsuur heeft gegeven over het verzet (wat weten we niet?). Ze raken slaags, ziet ook de ik-verteller Herman. N. deelt een kopstoot uit en M. moet met een hersenschudding naar huis gebracht worden. Herman neemt die taak op zich.

 

De leraar voor het schoolbord (Ho 41-48)
In dit deel zijn ook weer enkele verhaallijnen: de leraar Jan Landzaat vertelt over veertig jaar geleden en de ik-verteller over de laatste uren van M. Hij laat M. en Ana namelijk zijn filmpjes ‘Het leven voor de Dood’ zien. De meeste (zie hierboven onder deel III) filmpjes zijn bekend. Herman heeft nog een nieuw rolprentje: over zijn wandeling met Jan Landzaat naar Sluis om een garage te vinden.
Landzaat is op Tweede Kerstdag (veertig jaar geleden) naar het vakantiehuisje gekomen om Laura te zeggen dat hij haar niet meer zal stalken. Maar hij heeft er een plan bij. Hij laat het lampje van de auto branden en daardoor heeft hij een lege accu. Hij wil met Herman naar een garage, maar Herman stuurt hem de verkeerde kant op en filmt hem. Hij moet zijn filmpje verwisselen en loopt weg. Dan krijgt Landzaats oorspronkelijke plan zelfmoord te plegen een wending. Hij vlucht weg zonder een spoor achter te laten naar Parijs. De kinderen worden verhoord en verdacht, maar er is geen lijk.

M. heeft het intussen heel moeilijk en hij sterft, maar in een soort laatste visioen vertelt hij aan de lezer (niet aan Herman) wat er is gebeurd. Hij heeft een brief gekregen van Jan Landzaat (Geachte heer M.) die hem heeft geschreven dat hij in Parijs zat. M. is hem gaan opzoeken en hij ontmoet een zwerver. Als ze bij de Seine staan, geeft hij Jan een zetje en die verzuipt. M. heeft dus eigenlijk een moord gepleegd, maar verzwijgt dat omdat hij bijna klaar is met zijn boek ‘Afrekening’. Hij heeft zijn leven lang met die wetenschap geleefd. Dan sterft hij. Gelukkig staan zijn ouders niet aan de ‘andere kant’ op hem te wachten. Er is daar helemaal niets.

Personages

Laura

Laura is een beetje een vrijgevochten meisje in de jaren zeventig. Ze wordt door haar ouders mentaal verwaarloosd en krijgt daardoor ruime gelegenheid ervaring op seks gebied op te doen. Ze versiert in Parijs de leraar geschiedenis, maar na enkele seksweken zet ze hem aan de kant voor Herman. Bovendien laat ze haar overspel uitkomen door moedwillig een oorbel in de badkamer achter te laten. een wraakpoging van haar. Daarna papt ze aan met Herman met wie ze in de kerstvakantie naar Zeeuws-Vlaanderen gaat. Daar volgt de ontknoping van de affaire met Jan Landzaat. In het verhaalheden wordt niets over Laura verteld.

 
Herman

Herman is als leerling een bijzondere leerling met enkele vervelende/eigenwijze eigenschappen. Toch worden meisjes/vrouwen snel aangetrokken tot hem. Hij heeft in zijn schooltijd Stella laten zitten voor Laura en is veertig jaar geleden betrokken bij de verdwijning van Jan Landzaat. wat er in die veertig jaar gebeurd is, wordt niet verteld. We weten als lezer helemaal niet wat er met Laura is gebeurd. In het verhaalheden als Herman zo ongeveer midden vijftig is, stalkt hij M. Hij interviewt hem ook over zijn roman over de verdwijning en hij verwijt hem het een en ander. Hij heeft ook nieuws voor M.Herman vergezelt M. naar het Boekenbal en brengt hem gewond thuis. Dan laat hij de vijf filmpjes zien die hij met zijn super-8-camera heeft gemaakt. Maar hij zal de waarheid niet weten, want het geheim van M. neemt hij mee in zijn graf. Alleen de lezer weet het.

David

David is een goede schoolvriend van Herman. Hij vraagt Herman mee naar het vakantiehuisje van Laura. Ze maken ook samen de filmpjes met de super-8 camera en gaan daarin best ver met de saaie lerares Posthuma. David is eerst bevriend met Laura, maar krijgt verkering met Miriam over wie we verder nauwelijks meer iets horen.

schrijver M.

In veel recensies wordt beschreven dat M. wel eens Harry Mulisch zou kunnen zijn. Er zijn wel enkele overeenkomsten met Harry. Een arrogante kwast, op hoge leeftijd ijdel, een boek over Cuba en veel boeken over de oorlog. Een foute vader en geen roman over zijn moeder. Hij heeft destijds succes geboekt met de roman Afrekening waarin het verhaal van Herman en Laura wordt verwerkt. Hij weet op dat moment al dat Jan in Parijs leefde en hij heeft de leraar zelf een duwtje in de Seine gegeven. M. heeft uitgesproken ideeën over het schrijverschap, de relatie tussen fictie en werkelijkheid (interview met Herman). Hij heeft zijn vrouw aan de kant gezet voor het schoolmeisje Ana. Hij kan slecht opschieten met collega-schrijvers. Op het Boekenbal krijgt hij ruzie met N. Hij krijgt een kopstoot die hem uiteindelijk fataal wordt. In een laatste comateuze toestand verraadt hij het geheim van het verleden.

 

Quotes

“Het is net als toen, denk ik nu. En het volgende moment moet ik eraan denken dat u er altijd bij zou zeggen. Net zoals toen. Ja, u zou het de lezer gemakkelijk, of anders gezegd: u zou zich er tot elke prijs tegen willen indekken dat de lezer de overeenkomst tussen de ene en de andere gebeurtenis over het hoofd zou kunnen zien.” Bladzijde 85

“Hij heeft het nooit begrepen waarom mensen boeken zouden willen lenen. Ja, uit geldgebrek waarschijnlijk, maar er zijn zoveel dingen die je jezelf uit geldgebrek moet ontzeggen. Zelf vindt hij het gewoon vies, geleende boeken. Net zo vies als het slapen in een hotel waar de lakens niet zijn verschoond en je op de haren en huidkruimels van de vorige gast moet liggen.” Bladzijde 110

“Er was nog een ander verschil tussen literatuur en de overige boeken. Het was in wezen hetzelfde eten uit twee verschillende restaurants. Rechts was het restaurant met de Michelinsterren, links de Burgerking of de Mc Donald”s. Het ging erom dat je niet altijd verfijnde hapjes in je mond wilde steken, dat je niet elke dag een minuscuul stukje ganzenlever van een verder zo goed als leeg bord wilde prikken. Soms had je gewoon meer trek in een hamburger met bacon en gesmolten kaas, een zacht soppend broodje, het vet dat langs je kin omlaagdrupt – maar het ging altijd wel gepaard met een schuldgevoel.” Bladzijde 417

“Terug in Amsterdam wachtte M. een maand. Wanneer hij zijn ogen sloot, zag hij het hoofd van Jan Landzaat nog een of twee keer boven water komen, maar in zijn winterjas en bergschoenen voerde hij een bij voorbaat verloren strijd, de stroming was sterk, de tweede keer was het hoofd al een stuk kleiner, en ook een stuk verder weg.” Bladzijde 428

“Een leraar op een middelbare school behoort niet tot de allerslimste mensensoort, om het maar eens heel zacht uit te drukken. Een natuurkundeleraar zal niet zo snel een nieuwe relativiteitstheorie ontwikkelen. Het zijn over het algemeen gestrande types. Gefnuikt en gefrustreerd. Dat houd je een paar jaar vol met hol gepraat over idealisme, kennisoverdracht aan de komende generaties, maar uiteindelijk vreet zo’n gefrustreerde intelligentie zich vanbinnen helemaal op.” Bladzijde 293

Thematiek

Fantasie en werkelijkheid

Het nieuwe boek van Herman Koch heeft een veelheid aan motieven. Het is niet erg eenvoudig aan te geven wat het belangrijkste motief en dus het thema is. Ik heb voor het thema ‘de verhouding tussen fictie en werkelijkheid’ gekozen. Dat is niet zo heel vreemd als een roman over een schrijver gaat die altijd de waarheid in een bepaald daglicht moet zetten. M. heeft succes geboekt met een roman over de verdwijning van een leraar die een verhouding had met een meisje. Hij suggereerde dat de kinderen de moord(?) hadden gepleegd, maar hij weet op het moment dat hij het boek publiceert dat hij degene is geweest die Jan Landzaat het laatste zetje in Parijs heeft gegeven. Dat is dus al een verdraaiing van de werkelijkheid. Ook in de “poëtica” van M. heeft hij het steeds over het keuzes maken van zijn verhaallijnen en het al of niet opnemen van feiten in zijn verhaal. Je moet het simpel voor de lezers houden. Hij onthult veel van zijn ideeën in het interview met Herman. Hij schrijft veel over de oorlog, die hij verzint, maar veel minder over zijn eigen werkelijkheid met zijn ouders.

Motieven

Vriendschap

Op de middelbare school hebben Laura en Herman een vrij hechte vriendengroep om zich heen gebouwd. Ze brengen vakanties door in het huisje van haar ouders.

Moord

In feite heeft M. een moord gepleegd door Jan Landzaat in de Seine te duwen.

Leven en dood

Dit motief speelt eveneens een belangrijke rol. Een deel heet zelfs leven voor de dood. Je kunt als mens al dood zijn terwijl je nog in leven bent. Maar de dood komt op diverse plaatsen voor in de roman. Er is lerarensterfte op school (vier leraren komen om). De moeder van M. en de vader van M. zijn al dood. de moeder van een van de vrienden Lodewijk sterft en ze gaan met zijn allen naar de begrafenis van haar. Een belangrijke dood is ook die van schrijver N. Die sterft na een kopstoot van schrijver N. Hij ziet dat er na het leven niets meer is (slotzin).

Jaloezie

Jaloezie en afgunst komt ook voor. Er is haat en nijd tussen de schrijvers onderling. Ze gunnen elkaar geen goede verkoopcijfers. Ook bij de vriendengroep is er afgunst bijv. Laura die het niet kan hebben dat haar vriendin Stella met Herman verkering heeft.

Schrijversleven

Ook het schrijversleven wordt op de korrel genomen. Er zijn een heel stel arrogante collega-schrijvers (passage op het Boekenbal) dat haar en nijd ten opzichte van elkaar heeft. M. kan het niet vinden met N. In het interview met Herman vertelt hij over de problemen die een schrijver moet overwinnen om tot een roman te komen. Hij was net klaar met de opzet van zijn roman, toen hij een brief kreeg van Jan Landzaat uit Parijs. Die moest dus uit de weg worden geruimd.

Schoolleven

Een belangrijk deel van het verhaal speelt zich af op een middelbare school in de jaren zeventig. Laura krijgt een verhouding met een leraar op een school die in een bepaald jaar getroffen wordt door lerarensterfte (Deel 1). De schrijver is bepaald niet vlijend over het lerarenbestaan: kritisch beschrijft hij wat voor soort vreemde mensen leraren zijn: ze zijn her symbool van middelmatigheid.

Overspel

Jan Landzaat pleegt overspel met het meisje Laura, maar haar vader doet dat ook. Hermans vader heeft ook een andere vriendin waardoor zijn ouders gaan scheiden. Herman schuift het meisje Stella aan de kant, omdat hij meer voelt voor Laura. Schrijver M. heeft ook overspel gepleegd toen het meisje Ana hem kwam interviewen. Daarna schoof hij zijn vrouw aan de kant.

Motto

Haynes: [To crew] Pull the power back. Yhat’s right. Pull the left one [throttle’] back.
Copilot: Pull the left one back.
Aproach : At the end of the runway it’s juist wide open-field.

Cockpit Unidentified Voice: Left throttle, left, left, left, left.
Cockpit unidentified vocie: God!
Cabin: [ Sound of impact]
(Malcolm Mac Pheerson : “The black box.”)

Opdracht

Herman Koch draagt het boek op aan zijn ouders:
Cootje Koch-Lap (1914-1971)
Herman Koch (1903-1978)

Titelverklaring

In de eerste zin van de roman wordt de schrijver M. aangesproken door een personage dat later Herman blijkt te heten. Hij begint met Geachte heer M.
Later wordt de titel ook nog herhaald door een ander personage, de leraar Jan Landzaat, die vanuit Parijs een brief naar hem stuurt.. Die laatste brief heeft een behoorlijke impact op de afronding van de “ware geschiedenis” met leraar Jan Landzaat.

Structuur & perspectief

De roman is ingedeeld in vijf Getitelde delen, die onderverdeeld zijn in genummerde hoofdstukken.
Lerarensterfte ( Ho 1-11)
Waarom schrijft U? (Ho 12-18)
Leven voor de dood (Ho19- 33)
Het boek moet het doen (Ho 34-40)
De leraar voor het schoolbord (Ho 41-48)
In die vijf delen gooit de schrijver de chronologische volgorde van de gebeurtenissen van veertig jaar geleden en het verhaalheden (anno-Nu) door elkaar. Geachte heer M. is dus een niet-chronologisch vertelde roman.

Het perspectief wisselt ook steeds.
In deel I is er sprake van een overigens niet verstuurde brief van een ik-verteller (later Herman) aan de bekende schrijver M. Hij volgt hem, stalkt hem eigenlijk en er hangt een flinke dreiging in de lucht, zeker wanneer de lezer weet dat hij de vrouw van M. en diens dochtertje opspoort en naar huis brengt.
In deel II is schrijver M. de personale verteller en we volgen hem op weg naar een lezing over zijn werk in de bibliotheek. Hij geeft een interview aan een bekende recensente Marie Claire.
In deel 3 gaan we veertig jaar terug aan de hand van de volgende personale vertelster Laura. Zij vertelt over de vriendschap met Herman, de relatie met de leraar en de vakanties van hun jeugd.
In deel 4 is er eerst een ik-verteller Herman die de schrijver weer volgt en hem interviewt over zijn beroemdste boek “Afrekening”.
Maar in dit deel zijn er ook twee andere (personale) vertellers: Ana, de heel jonge vrouw van M. die een keer niet mee wil naar het Boekenbal vertelt haat idee over schrijvers en hun beroemdheid. Maar ook schrijver M. vertelt over wat hij bij het boekenbal meemaakt: een conflict met collega-schrijver N. die hij op zijn gezicht slaat, maar die hem een kopstoot geeft. Waarschijnlijk met een hersenschudding brengt Herman als ik-verteller hem naar huis.
In het laatste deel zijn er drie vertellers: de personaal vertellende leraar Jan Landzaat die zijn motivatie geeft om naar Laura in zeeland te gaan. Herman (de ik-verteller) die vertelt wat hij van plan was te doen en die ook de filmpjes van Leven voor de dood aan de schrijver en Ana laat zien. En tenslotte is er de personale schrijver M. die onthult wat er met Jan Landzaat werkelijk is gebeurd (maar hij doet dat alleen aan de lezer in een toestand vlak voordat hij sterft.)

Herman Koch heeft dus echt een structuur bedacht waarbij hij vooruitgrijpt, terugverwijst, parallel vertelt en verhaaldraden niet afmaakt) 
Hoewel het bovenstaande ingewikkeld lijkt, is het tijdens het lezen niet zo moeilijk om de draad van het verhaal in de gaten te houden. Koch is daartoe heel goed in staat.

Decor

Koch geeft nauwelijks gegevens en data voor het verhaalheden. We kunnen wel uit de tekst afleiden dat er sprake is van een actueel verhaal (de economische crisis. de opkomst van het rechts-extremisme in Nederland). het verhaalheden speelt zich af binnen een week. Ook bezoekt de verteller met de schrijver M. het jaarlijkse Boekenbal en dat houdt in dat het verhaalheden in ieder geval in maart speelt. 
Maar de tweede verhaallijn van het verleden gaat terug naar veertig jaar daarvoor. Dat zou dus ongeveer de jaren zeventig moeten zijn. Laura en haar vriendinnen beleven de vakanties in het huisje van haar ouders in Zeeland. Dot deel duurt in ieder geval van vlak voor de zomervakantie tot aan de Tweede Kerstdag.

Het decor is wat eenvoudiger te traceren. Het verhaalheden speelt in Amsterdam, waar de schrijver M. woont. Herman woont vlak onder hem, en slechts ‘een keer gaat hij op zoek naar het tweede huis van M. in Zeeland. daar ligt meteen het decor van de verhaallijn van veertig jaar geleden. Op Zeeuws-Vlaanderen in het gehucht Retranchement (liever nog: Terhofstede) staat het huisje van Laura’s ouders. Dat is een kilometer of vijf van het grotere plaatsje Sluis. Daar speelt de passage met de geschiedenis leraar Jan Landzaat. In een kort hoofdstuk wordt in deel III nog iets verteld over de werkweek in Parijs waar Laura aanpapt met Landzaat. Ook in de onthulling van M. aan het eind speelt Parijs nog een rol: Jan Landzaat verdwijnt in het water van de Seine.

Stijl

Deze nieuwe roman van Herman Koch heeft de stijlkenmerken van de vorige twee bestsellers. Op de een of andere manier lees ik er altijd wel de Jiskefetachtige ondertoon in. Met ironische humor beschrijft Koch de positie van het Nederlands onderwijs, de literaire wereld, de concurrentie onder de schrijvers.
De stijl van Koch wordt niet gekenmerkt door hoogdravende woorden en een ingewikkelde poëtische beeldspraak. Het verteltempo is hoog, wat ook komt door de op het oog ingewikkelde structuur, waarin heden en verleden flink door elkaar lopen. Er worden op verschillende momenten passages herhaald; Koch breekt verhaallijnen af als cliffhangers, maar komt er soms helemaal niet meer op terug. Waar is Stella gebleven, wat is er met Laura verder gebeurd? Wat is de oneliner over het verzet die M. voor de televisie heeft geuit en die zijn collega’s zo boos heeft gemaakt. Ook de truc aan het einde waardoor de lezer wel weet wat er met Jan Landzaat is gebeurd en de personages niet, is een goede zet.
Het boek is meer dan 400 bladzijden dik, maar leest niettemin als een TGV naar Parijs. De fijne bladspiegel van de uitgever Anthos helpt daarin reuze mee.

Slotzin

De echte bevrijding, weet hij nu, heeft hij eigenlijk al die tijd geweten, is dat zijn ouders er niet meer zijn. Dat ze zo lang afwezig zijn geweest, Dat was zijn eigen bevrijdingsjaar: hun dood. Zijn opluchting is dan ook groot wanneer hij ziet dat er geen poort is, geen licht- geen schoolplein dat hij moet oversteken naar zijn achter het hek wachtende vader en moeder. Er is niets.